Klassieke Japanse Grammatica — Bungo
— Enkele Verwijzingen —


A

aku. Gevoegd achter de rtk (maakt een contractie). Substantivering gelijk aan 'koto'. Contractie: de 'a' van 'aku' valt samen met de laatste 'u' van de rtk van ww en vervangt die: rtk yomu [4] + aku = yomu + aku ¨ yomuaku ¨ yomaku; rtk karu [+2] + aku = karuru + aku ¨ karuruaku ¨ karuraku; rtk miru [+1] + aku = miru + aku ¨ miruaku ¨ miraku. Het zelfde geldt voor de onregelmatige ww: rtk su [sa] + aku = suru + aku ¨ suruaku ¨ suraku. Hetzelfde geldt als ww verder vervoegd zijn: mzk yomu [4] + ryk ru [-2] + rtk tari [ra] + aku = yoma + re + taru + aku ¨ yomaretaruaku ¨ yomaretaraku (hetgeen gelezen werd). Ww die vervoegd zijn met ki (met rtk shi) krijgen een ander patroon omdat 'ia' niet contacteerd tot 'a' maar tot 'e': ryk yomu + rtk ki + aku = yomi + shi + aku ¨ yomishiaku ¨ yomiseku. Bij va geldt dezelfde 'ia' ¨ 'e' contractie: rtk takashi + aku = takaki + aku ¨ takakiaku ¨ takakeku. Deze vorm was erg populair in de Nara periode. Overblijfselen zijn osoraku (osoru [-2]) en iwaku (iu [4])

ani (æ¯). Uitroep '(maar) hoe (dan toch) zal ......!'. Gewoonlijk in de vorrm: Ani ...... [mzk]-nya. (= Ps fut + ya).

asobasu [4] (—V). Sonkei van su [sa] (doen).

B

ba. Gevoegd achter de izk of mzk. ‡@ na izk: redegevend, tijdszin. ‡A na mzk: conditionalis.

bakari nashi [ku] (—ʁEŒv–³). Gevoegd achter van alles. Geeft aan dat het voorgaande in extreme mate voorkomt. Bakari moet hier in zijn originele betekenis genomen worden van 'maatstaf' of 'meting', en niet als 'slechts' of 'alleen'.

bakoso. Gevoegd achter de mzk sterk negatief, ironie.

baya. Gevoegd achter de mzk. Irrealis, oh was het maar.

bekari [ra] (‰Â). (=ryk beshi+ ari) Gevoegd achter de ssk en de rtk van ra hen. Verplicht, vermoeden, mogelijk, voornemen 1ste pers, bevel aan 2de pers, futurum.

beshi [ku/soms rtk bei, ryk beu] (‰Â). Gevoegd achter de ssk en de rtk van ra hen. Dienen, moeten. Verplicht, vermoeden, mogelijk, voornemen 1ste pers, bevel aan 2de/3de pers, futurum.

C

D

dani. Gevoegd achter van alles. Zelfs.

de (=ryk? zu+te). Gevoegd achter de mzk. Zonder te.

do. Gevoegd achter de izk. Concessivus, tegenstelling.

domo (‹¤). Gevoegd acher de izk van ww. Concessivus, tegenstelling.

E

F

fute. '-te vorm'. Ipv de te verwachten ryk voor een '-te vorm' komt bij 4 ww eindigend op -fu deze te vaak achter de rtk. Vaak Kyōto-ben genoemd, maar te veel gezien om te negeren. Eg. omofute ipv omohite (ik dacht en ...).

G

ga. Gevoegd achter de rtk en nw. ‡@ na: rtk tegenstelling, genitief part., onderwerpspart. Bij de laatste twee mogelijkheden is de rtk de gesubstantiveerde vorm en alszodanig te beschouwen als een nw. ‡A na nw genitief part., onderwerpspart. (meestal weggelaten in bungo).

gotoshi [ku] (”@). Gevoegd achter de ryk. Gelijk zijn aan, zoals.

H

haberi [ra] (Ž˜). Gevoegd achter de ryk. Teinei.

I

iwan ya (‹µ). Uitroep. 'Maar meer dan dat', 'dat niet alleen', 'het hoeft geen verder betoog dat'. Vaak in de vorm 'iwan ya ... woya' of 'iwan ya ... mzk-muya'.

J

ji. Gevoegd achter de mzk. Negatief vermoeden, negatief voornemen van de 1ste persoon, zacht verbod.

K

ka (ŒÁEÆEŸb).<rtk> Gevoegd achter van alles. Vraagpartikel, twijvel, retorisch, vraagteken.

kako (‰ß‹Ž). verleden tijd. Wordt gevormd door..........

kamo (ÆEŸb). Gevoegd achter van alles. Uitroep, nadruk, twijvel.

kana (ÆEŸb). Gevoegd achter de na rtk. Nadruk, uitroep verwondering.

kanu [-2] (Œ“). Gevoegd achter de ryk. Kan moeilijk —, kan niet —.

kanryō (Š®—¹). Verleden tijd, Voltooide handeling.

kari [ra]. Bij va vaak een contractie van de ryk uitgang ku + ari [ra]. Bv.: ryk takashi + ari = takaku + ari ¨ takakuari ¨ takakari.

kashi. Gevoegd achter van alles. Sterke uitroep, uitroepteken, nadruk.

keku. Gevoegd achter de 'stam' va. substantivering. Een contractie van de rtk van va met aku

kemu [4]. Gevoegd achter de ryk. Vermoeden over een handeling in verleden of de reden of oorzaak daarvan. Gebeurtenis waarvan men heeft gehoord.

kenjō (Œª÷). eerbied tov object (=alles behalve het onderwerp)

keri [ra]. Gevoegd achter de ryk. ‡@ Kako. ‡A nadruk (objectief).

keruramu [4] (=rtk keri + ramu). Gevoegd achter de ryk. vermoeden mbt oorzaak van een toestand of handeling in het verleden die men niet heeft gezien, van horen zeggen, retorische vraag, uitroep. Zie ook ramu.

ki [rtk shi, ryk *, izk shika, mzk se, mrk *]. Gevoegd achter de ryk; soms achter mzk van ka hen en sa hen] kanryō (subjectief).

kikoesasu [-2]. Gevoegd achter de ryk. Sterke kenjō.

kikoyu [-2]. Gevoegd achter de ryk. Kenjō.

koso. <izk> Gevoegd achter van alles. Sterke nadruk.

koto (E). Gevoegd achter de rtk. Substantivering (Met dank aan mojikyō. Maar weinig fonts geven deze kana weer; Unicode= u30FF / 12543)

L

M

mahoshi [shiku]. Gevoegd achter de mzk. Wens of verlangen van de 1ste persoon.

maji [shiku] (ŠÔ•~). Gevoegd achter de ssk, en de rtk van ra hen. ‡@ Tegenovergestelde van beshi: dient niet ... , zal niet ... , kan niet .... ‡A Negatief vermoeden, negatieve potentialis, zacht verbod.

majikari [ra] (= ryk maji + ari ¨ majikuari ¨ majikari) Gevoegd achter de ssk, en de rtk van ra hen. Negatief vermoeden, negatieve potentialis, zacht verbod.

mama (˜Ô). Zoals het is.

maseba. Gevoegd achter de mzk. Irrealis.

mashi. Gevoegd achter de mzk. Voornemen of wens. Vermoeden. Irrealis.

mashiji [shiku]. Negatief vermoeden.

mashikaba...mashi. Gevoegd achter de mzk (beide). Irrealis.

meri [ra]. Ggevoegd achter de ssk, en de rtk van ra hen en va. Vermoeden, veronderstelling. Vermijding van een bevestiging.

mikanryō (–¢Š®—¹). Voortduren van een handeling (in het verleden)

mo. ‡@ Gevoegd achter van alles. Nadruk. zelfs, ook. ‡A Gevoegd achter de rtk. Tegenstelling, concessivus.

mo gana. Gevoegd achter naamvoorden. Wens, verzoek.

mono kara. Gevoegd achter de rtk. Tegenstelling, redengevend.

mono no. Gevoegd achter de rtk. Tegenstelling.

mono wo. Gevoegd achter de rtk. Tegenstelling.

mono yue. Gevoegd achter de rtk. Tegenstelling. Redengevend.

mōsu [4]. (\) Gevoegd achter de ryk. Maakt een Kenjō van het ww. Kenjō van ifu [4] (zeggen) en su [sa] (doen).

motte (ˆÈ) Cf. wo motte ‡@ Gevoegd achter de rtk of nw. Omdat. Met dit, door dit. En voorts. Gezien dit. Aangezien. ‡A Gevoegd achter de ryk En voorts. Gezien dit, aangezien, en zo. Deze laatste gledt niet voor wo motte

mu [4]. Gevoegd achter de mzk. Pseudo Futurum. Voornemen of wens van 1ste persoon. Aansporing, licht bevel, retorische vraag.

mu to su [sa]. Gevoegd achter de mzk. Op het punt staan te. Vermoeden. Intentie (laat ons).

muzu [sa, 4] (= mu to su). Gevoegd achter de mzk. Op het punt staan te, Vermoeden. Intentie (laat ons).

N

na. Gevoegd achter de mzk of achter de ssk. ‡@ na mzk: Voornemen, wens. ‡A na ssk: Verbod. Negatief bevel.

nagara (“á). Gevoegd achter de ryk. Terwijl (tijd en tegenstelling)

nakare (= ryk nashi + mrk ari). Gevoegd achter de ssk. Verbod.

namu. Drie verschillende mogelijkheden. ‡@ [4] (= mzk nu+mu). Gevoegd achter de ryk (van een passief of intransiteif ww) hulpwerkwoord: bevestiging dat het zal gebeuren. ‡A Gevoegd achter van alles behalve de mzk: <rtk> Nadruk (Vaak verkort tot nan). ‡B Gevoegd achter de mzk: Wens, verzoek.

nan. ‡@ (= mzk nu+mu = namu) [4]. Gevoegd achter de ryk (van een passief of intransiteif ww) hulpwerkwoord: bevestiging dat het zal gebeuren. ‡A Gevoegd achter van alles behalve de mzk: <rtk> Nadruk.

nari [ra]. Gevoegd achter de ssk of de rtk. Of zelfstandig het koppelwerkwoord. ‡@ na ssk: te horen zijn [geluid]. Veronderstelling gebaseerd op wat men hoort. Van horen zeggen. ‡A na rtk: nadruk op de bewering. ‡B (–ç) Koppelwerkwoord. Zijn.

ni. Gevoegd achter de rtk of nw. ‡@ Achter rtk: tegenstelling. Redegevend. Wanneer, toen. 'Om te', 'voor'. Plaatsbepaling, tijdsbepaling. Agens in passief en causatief (rtk kan ook als nw fungeren). ‡A na nw: plaatsbepaling, tijdsbepaling. Object marker. Agens in passief en causatief.

nite. Gevoegd achter de rtk of nw. ‡@ na rtk: plaatsbepaling, tijdsbepaling. Instrumentalis. Oorzaak, reden. (rtk kan ook als nw fungeren). ‡A na nw: plaatsbepaling, tijdsbepaling. Instrumentalis. Object marker.

no (”V¥”T). Gevoegd achter de rtk of nw. ‡@ na rtk: genitief partikel. Onderwerpspartikel. Substantivering (vaak weggelaten omdat de rtk alszodanig een sustantief kan zijn). ‡A na nw: genitief partikel. Onderwerpspartikel.

nomi (›ßEŽ§›ß). Gevoegd achter van alles. Sechts, alleen maar.

nu [na]. Gevoegd achter de ryk van passief of intransitief ww. Kanryō. Niet verwarren met rtk zu. Met pseudo futurum (=namu [4]) bevestiging dat het zal gebeuren.

nzu nzu [sa, 4] (= mu to su). Gevoegd achter de mzk. Op het punt staan te, intentie (laat ons), vermoeden.

O

ōsetsuku. [-2] (‹Â•t). Zie ōsu.

ōsu [-2]. (‹Â). Bevelen, instruëren aan een lagere. Vaak gevolgd door tsuku [-2]: ōsetsuku (‹Â‚¹•t‚­).

P

Q

R

raku. Gevoegd achter de 'stam' van ww. substantivering. Contractie van 4 ww met aku.

ramu [4] Gevoegd achter de ssk, en de rtk van ra hen en va. Vermoeden met betrekking tot de oorzaak van een toestand of handeling die men niet ziet, van horen zeggen, retorische vraag, uitroep.

raru [-2] (”í¥ˆ×). Gevoegd achter de mzk van +1, -1, +2 en -2 ww. Passief. potentialis. Spontane actie of reactie. Sonkei. In sōrōbun vaak sonkei.

rashi [ku]. Gevoegd achter de ssk, en de rtk van ra hen. Veronderstelling.

rayu [-2]. Gevoegd achter de mzk van +1, -1, +2 en -2 ww. Passief, Potentialis, Spontane actie of reactie. Sonkei.

ri [ra]. Gevoegd achter de izk, en de mzk van sa hen. Sonzoku, Kanryō, Mikanryō

ro. Verplicht gevoegd achter de mrk van +1, -1, +2 en-2 ww. Zie vervoegingen.

ru[-2] (”í¥ˆ×). Gevoegd achter de mzk van 4, ra, na, ka en sa hen. Passief. Potentialis. Spontane actie of reactie. Sonkei. In sōrōbun vaak sonkei.

S

saburafu [4] (Œó). Gevoegd achter de ryk. Sōrō-bun (briefstijl). Teinei.

sasetamafu [4]. Gevoegd achter de ryk? Sonkei.

sasu [-2]. Gevoegd achter de mzk van +1, -1, +2 en-2 ww. Causatief, Sonkei.

se tamafi [4]. Gevoegd achter de ryk? Sonkei.

shi. Gevoegd achter van alles. Nadruk.

shiga. Gevoegd achter de ryk. Verlangen, wens.

shi gana. Gevoegd achter de ryk. Voornemen, wens.

shika ‡@ Gevoegd achter de ryk: verlangen, wens. ‡A Gevoegd achter van alles behalve de ryk: Twijvel.

shiki [ku] (•~). Afwijkende kanji (in sōrōbun) om de -shiki en -shiku uitgangen van va aan te geven.

shime tamafu [4]. Gevoegd achter de ryk. Sonkei

shimo. Gevoegd achter van alles. Nadruk.

shimu [-2] (—ß). Gevoegd achter de mzk. Causatief. Sonkei.

so. Gevoegd achter de ssk. Verbod.

sonkei (‘¸Œh). Eerbied tov onderwerp.

sonzoku (ԦԱ). Voortgang van handeling/toestand (in het verleden)

su [-2] (ˆ×). Gevoegd achter de mzk van 4, ra, sa, na en ka hen ww. Causatief. Sonkei.

T

tamafu (‹‹EŽ’E‹Ê). Gevoegd achter de ryk. ‡@ hulpww [-2]. Kenjō als de 1ste persoon (= spreker?) het onderwerp is. ‡A hulpww [4], Sonkei als 1ste persoon (= spreker?) niet het onderwerp is.

tari [ra]. Gevoegd achter ryk of nw. ‡@ na ryk: sonzoku, kanryō. ‡Ana nw. zijn (koppelww).

tashi [ku] (“x). Gevoegd achter de ryk. Wens, verlangen. Willen.

tatematsuru(•ò). ‡@ [-2] Gevoegd achter de ryk. Sterke kenjō. ‡A. [4] (•ò) Gevoegd achter de ryk. Kenjō. Doen voor een hogere.

teinei (’š”J). Beleefd. Eerbiet tov toehoorder.

temu [4] (=ryk tsu + mu ). Gevoegd achter de ryk. Bevestiging dat het zal gebeuren.

tomo (‹¤). Gevoegd achter de ssk van ww, en de ryk van va. Consessivus, zelfs indien.

tsu. ‡@ hulpww [-2] Gevoegd achter de ryk van causatief of transitief ww. Kako, kanryō. In combinatie met pseudo futurum: bevestiging dat het zal gebeuren (= temu). In ryk vorm (te): nadat hij...gedaan heeft... . Dit doen en... (zie ook fute) ‡A Gevoegd achter nw: genitief part.

tsutsu [-2?]. Gevoegd achter de ryk. Handeling gebeurt gelijk met andere. Een handeling wordt alsmaar herhaald.

tsu...tsu. Gevoegd achter de ryk (beide). Nu 's dit, en dan weer 's dat.

U

V

W

wa (ŽÒ). ‡@ Gevoegd achter van alles behalve de ryk van va: topic marker. nadruk. ‡A Gevoegd achter de ryk van va. conditionalis.

wo. Gevoegd achter rtk of nw. ‡@ na rtk: Objectspartikel. Tegenstelling. Ooorzaak of reden. ‡A na nw: Objectspartikel.

woba. Gevoegd achter van alles. Objectspartikel met nadruk. nadruk.

wo gana. Gevoegd achter van alles. Wens, verzoek.

wo motte (ˆÈ). Gevoegd achter rtk of nw. Vanwege dit. Met dit, gezien dit, hierom. (En, voorts).

X

Y

ya (ŒÁEÆEŸb). Gevoegd achter van alles. ‡@ <rtk> Vraagpartikel. Twijvel. Retorisch. Vraagteken. ‡A Opsomming.

yamo (ÆEŸb). Gevoegd achter van alles. Versterkt vraagpartikel. twijvel. retorisch.

yawa (ÆEŸb). Gevoegd achter van alles. Twijvel, retorisch.

yo. Verplicht gevoegd achter de mrk van +1, -1, +2 en -2 ww. Zie vervoegingen.

yori. Gevoegd achter de rtk of nw. ‡@ na rtk: Vertrekpunt in tijd of ruimte. Instrumentalis. Reden, Comparatief. Beperking, behalve. Direct nadat. ‡A na nw: Vertrekpunt in tijd of ruimte. Instrumentalis. Reden?, Comparatief. Beperking?, behalve?.

yu ‡@ [-2]. Gevoed achter de mzk van 4, ra, sa, na, ka hen ww. Passief, Potentialis, Spontane actie of reactie. Sonkei. ‡A (‚ä) Alternatieve ssk voor -2 en +2 ww normaal eindigend op -fu (modern rtk -eru of -iru). Bv. Mochiyu ipv Mochifu [+2] (gebruiken) en Kayu ipv Kafu [-2] (veranderen). Sommige ww hebben alleen -yu als ssk (bijv. Miyu [-2] zichtbaar zijn, lijken).

Z

zari [ra] (=ryk zu + ari). Gevoegd achter de mzk. Ontkenning.

zo. <rtk> Gevoegd achter van alles. Nadruk.

zu [rtk nu, ryk zu, izk ne, mzk zu, mrk *]. Gevoegd achter de mzk. Ontkenning. De rtk van zu (nu) niet verwarren met ssk van nu.

zu shite (=ryk? zu + shite) Gevoegd achter de mzk. Zonder te... .


Vervoegingen


4 +2 -2 +1 -1 ra na ka sa ku shiku
Modern yomU karIRU tabERU mIRU kERU aRU shiNU KURU SURU takaI oiSHII
Klassiek yomU karU tabU mIRU kERU aRI shiNU KU SU takaKU oiSHIKU
Mizenkei (mzk) -A -I -E -I -E -RA -NA -KO -SE -KU -SHIKU
Renyōkei (ryk) -I -I -E -I -E -RI -NI -KI -SHI -KU -SHIKU
Shūshikei (ssk) -U -U -U -IRU -ERU -RI -NU -KU -SU -SHI -SHI
Rentaikei (rtk) -U -URU -URU -IRU -ERU -RU -NURU -KURU -SURU -KI -SHIKI
Izenkei (izk) -E -URE -URE -IRE -ERE -RE -NURE -KURE -SURE -KERE -SHIKERE
Meireikei (mrk) -E -IYO -EYO -IYO -EYO -RE -NE -KO -SE ** **


Verklaring

Dit document is bedoelt als een referentie naar de grammatica van het klassieke Japans (bungo •¶Œê), en hoofdzakelijk naar werkwoordsvormen. Het is niet bedoeld als studiemateriaal; zolang je nog onbekend bent met bungo, zul je weinig nut ondervinden aan deze pagina. Gebruik dit document dus wanneer je denkt 'hoe zat dat ook al weer?', en niet wanneer 'wat is dit in hemelsnaam?'.

Klassiek Japans? Tsja, zo wordt het meestal genoemd. Vergeet echter niet dat deze 'bungo' vorm tot aan het eind van WO-II de standaard was voor geschreven Japans (ondanks de vele genbun itchi (Œ¾•¶ˆê’v) pogingen sinds de Meiji periode is geschreven Japans en gesproken Japans pas na WO-II geünificeerd — tot op zekere hoogte). De grammatica die hier behandeld wordt slaat dus ook niet kanbun (Š¿•¶), sōrōbun (Œó•¶), Man'yōgana (–œ—t‰¼–¼) en andere excotische vormen; het slaat 'puur' op de standaard geschreven Japanse taal van voor WO-II, door sommigen FWS (formal written style) genoemd, en in het Japans aangegeven met bungo (•¶Œê). Hoewel deze vorm (eigenlijk) niet meer actief gebruikt wordt is het noodzakelijk deze te kennen en ten minste passief te beheersen wanneer je voor je studie of hobby Japanse documenten van voor WO-II gebruikt. Fijn om te weten is wel dat de grammatica van bungo eigenlijk weinig tot niet is veranderd over meer dan 1000 jaar. 'Hōjōki' van Kame no Chōmei (Š›’·–¾ u•ûä‹Lv 1212) leest even 'makkelijk' als een krant uit 1936.
De afkortingen die hier gebruikt worden:

4, +2, -2, +1, -1, ra, na, ka, sa, ku en shiku in de vervoegingstabel en direct achter de ingangen tussen rechte haken '[ ]'. Deze geven aan hoe het betreffende ww vervoegd dient te worden. 4 = yodan katsuyō (Žl’iŠˆ—p); +2 = kami nidan katsuyō (ã“ñ’iŠˆ—p); -2 = shimo nidan katsuyō (‰º“ñ’iŠˆ—p); +1 = kami ichidan katsuyō (ãˆê’iŠˆ—p); -1 = shimo ichidan katsuyō (‰ºˆê’iŠˆ—p); ra = ra henkaku katsuyō (ƒ‰s•ÏŠiŠˆ—p); na = na henkaku katsuyō (ƒis•ÏŠiŠˆ—p); ka = ka henkaku katsuyō (ƒJs•ÏŠiŠˆ—p); sa = sa henkaku katsuyō (ƒTs•ÏŠiŠˆ—p); ku = ku katsuyō no keiyōshi (ƒNŠˆ—p‚ÌŒ`—eŽŒ); shiku = shiku katsuyō no keiyōshi (ƒVƒNŠˆ—p‚ÌŒ`—eŽŒ).

mzk, ryk, rtk, ssk, izk, mrk. Deze mogen voor zich spreken en zijn duidelijk aangegeven in de vervoegingstabel. Echter, soms staan ze tussen punthaken '< >' achter de ingang (zoals in: ka.<rtk>). Dit betekent dat het slotwerkwoord van de zin in de de vorm aangegeven tussen de punthaken (rtk in dit geval) moet komen en niet in de normale ssk.

ww. Werkwoord

va. 'Verbaal adjectief'. Het slaat op keiyōshi (ku en shiku; soms 'i-keiyōshi' [ƒCŒ`—eŽŒ] genoemd in modern Japans). Adjectieven die een werkwoord-achtige vervoeging hebben zoals 'taka-i' en 'oishi-i' (in modern Japans).

nw. Naamwoord. Dit kan een zelfstandig naamwoord zijn maar ook een keiyōdōshi (Œ`—e“®ŽŒ: 'na-adjectief', na-keiyōshi [ƒiŒ`—e“®ŽŒ]) zonder 'na' (bv. kirei). Let op: de rtk en de ryk kunnen alszodanig naamwoorden zijn afgeleid van ww.

part. Partikel.

Pseudo Futurum, Ps Fut. De term is een erfenis van mijn Leidse opleiding. Het doelt op de 'toekomstige tijd' aangegeven met -ō ('nomō' in modern en 'nomamu', 'noman' of 'nomau' in bungo voor 'zal gaan drinken' of 'laat ons drinken'). Aangezien de rtk of de ssk de echte toekomstige tijd aangeeft (nomu = 'drinken' en 'gaan drinken') en '-ō' of 'mzk+mu' de waarschijnlijke toekomst of een aansporing tot een toekomstige gebeurtenis (of zelfs slechts een waarschijnlijkheid [bv. deshō]), is dit niet de 'echte' toekomstige tijd: vandaar 'pseudo'.

Stam (stem of root in Engels; gokan ŒêŠ² in het Japans). Misleidende term die helaas nog steeds gebruikt wordt (ook door mij hier): Doelt op het onveranderlijke deel bij het vervoegen van ww en va. Bij va levert dit geen probleem: taka voor takai, oishi voor oishii. Bij ww in het modern ook geen punt: yo voor yomu, kari voor kariru, tabe voor taberu, etc. In bungo levert dit problemen, omdat +2 en -2 ww weldegelijk veranderen: tabu [-2] en karu [+2] (nu [-2 slapen], u [-2 verkrijgen] en u [+2 gaan zitten] veranderen zelfs compleet). In werkelijkheid is er sprake van een contractie van een achtervoegsel met de rtk Men neme de rtk en hale dan het staartje 'ru', 'mu', 'su', 'nu' etc. er vanaf. In klassiek dus 'tabu' en niet 'tabe' voor tabu [-2] (De onregelmatige ww worden nu ook meteen duidelijk). Voor va hale men 'ki' van de rtk af: taka voor takashi. Voor meer uitleg over de contractie zie aku